| Bijz.: | | | Roemenië had
niet eens zoveel moeite om punten te pakken van Duitsland, de tegenwoordig armzalige ploeg die nog wel regerend Europees
kampioen is. De Duitse ploeg speelt, ondanks pogingen tot hervormingen van Berti Vogts en in mindere mate de conservatieve
Erich Ribbeck, voetbal dat toch vooral op kracht en lopen is gebaseerd. Anders kan Duitsland ook niet spelen, daar heeft
het de spelers niet voor. Het enige wat aan de vertoning tegen de Roemenen imposant was, was de staat van dienst van Matthäus,
Hässler (beiden meer dan honderd interlands) en die andere spelers, maar voor hun reputatie maakten deze voetballers
verrassend weinig klaar. Die Mannschaft kampt met een chronisch tekort aan technische, creatieve en multifunctionele
spelers, en er is geen ware kapitein op het Duitse schip. Een Duitser die speltechnisch zo'n kapitein kan zijn,
Stefan Effenberg, wil niet voor Duitsland spelen. Duitsland vestigt nu de hoop op de weinige talentvolle jonge spelers,
zoals Sebastian Deisler en Oliver Neuville.
Roemenië heeft een ploeg met twee vedetten, en met werkers op hen te ondersteunen. Gica Popescu en vooral Gheorghe Hagi
mogen doen wat ze willen, en de rest van de ploeg bestaat uit technische werkers die zich toch vooral doen wat ze moeten
doen. Het team beschikt over technisch onderlegde werkers zoals Iulian Filipescu, Dorinel Munteanu, Cristian Chivu en
Constantin Gâlca. Het is geen wonderploeg die waarschijnlijk zich zal kwalificeren voor de kwartfinales (in deze zware
poule), maar kan voor verrassingen zorgen en puntjes sprokkelen. Daarnaast zijn de oude vossen Hagi en Popescu gebrand
op nog één keer een aansprekende prestatie voor het oog van de wereld.
|