Voetbalartikelen

Wim Rijsbergen: geen gymleraar, archeoloog of toneelspeler, maar voetbalanalist

Klik hier als je geen blauwe balk boven ziet
3 mei 2002
Dit artikel is ook verschenen in Socius 5 2001/2002

3 mei 2002

Wim Rijsbergen hinkelde ons vrolijk tegemoet in zijn Leiderdorpse huis. In het afgelopen jaar is hij drie keer aan zijn enkel geopereerd. Een overblijfsel uit zijn voetbalcarrière. 'Die blessure had ik al toen ik heel jong was. De artsen zeiden dat ik balletenkels had. Ze kunnen heel makkelijk omzwikken. Tegenwoordig hadden ze misschien de enkelbanden ingekort, maar vroeger konden ze natuurlijk nog niet wat nu allemaal mogelijk is. Als ik last had, ging de spuit erin voor een belangrijke wedstrijd, om in ieder geval de pijn te verdoven.' Zijn rechterenkel is nu in een hoek van 90º vastgezet.

Eigenlijk wilde Wim Rijsbergen gymleraar worden, maar hij tekende na de HBS te hebben gehaald bij het Rembrandt een contract in Zwolle. Zijn trainer bij Roodenburg werd namelijk proftrainer bij PEC Zwolle. In de jeugdselecties van Oranje was hij samen met Johan Neeskens de enige die nog niet bij een profclub zat, want hij wilde eerst zijn school afmaken. Na een seizoen bij PEC wilde Feijenoord hem hebben, want ze kenden hem nog uit zijn Leidse tijd. Feijenoord had net de Europa Cup gewonnen en ze zochten jonge jongens om de succesvolle kern op te volgen. 'We werden niet altijd vriendelijk opgevangen. De routiniers probeerden je een beetje uit, bijvoorbeeld hoe je reageerde als ze je op de training hard aanpakten. Niet iedereen kan daar altijd tegen. Het is een beetje een survival of the fittest, net zoals in de dierenwereld. Alles is altijd te vergelijken met de "echte wereld", zeg ik altijd.'
   Rijsbergen maakte de twee wk's van '74 en '78 mee, waarin Nederland de finale haalde. 'Drie weken in trainingskamp zitten is niet altijd leuk, is acht uur achter de computer zitten leuk? Het hoort er gewoon bij. Ik heb gelukkig mijn werk kunnen maken van wat ik het liefste doe. Het was altijd mijn ideaal om in het Nederlands elftal te spelen, dus had ik het er natuurlijk voor over. Je moet altijd idealen hebben, en als je die bereikt heb weer nieuwe doelen stellen.'
   Na een jaartje op Corsica bij SC Bastia, kreeg hij een aanbieding van New York Cosmos. 'De club was onderdeel van Warner Brothers, en die probeerden het voetbal in Amerika te promoten.' Aan geld was geen gebrek. Grote vedetten zoals Pelé en Beckenbauer werden naar New York gehaald. Het elftal bestond uit ongeveer zeven nationaliteiten. De 24 clubs hadden allemaal wel een paar grote Europese spelers onder contract. Maar toch was tegen de traditionele Amerikaanse sporten niet op te concurreren, dus werd de competitie langzaam zwakker. Daarna ging Rijsbergen nog afbouwen bij Helmond Sport en FC Utrecht. Daar haalde hij zijn trainersdiploma. Toen werd de Leidenaar jeugdtrainer bij het Ajax van Johan Cruijff. Daarna was hij twee seizoenen hoofdtrainer van zijn amateurclub Roodenburg. Daarna was hij in het betaalde voetbal trainer van Volendam, NAC en Groningen, en zijn laatste club was de Chileense topclub Universidad Católica. 'Tegenwoordig heb je steeds meer ex-voetballers die in één keer een grote club gaan trainen. Vaak heeft een speler eigenlijk geen idee wat het trainersvak eigenlijk inhoudt. Een trainer moet met praten met de sponsors, ontevreden spelers en de pers. Het is het beste om je trainerscarrière geleidelijk te beginnen. Op lager niveau zijn de problemen die je moet oplossen hetzelfde, het enige verschil is de druk. Het is wel eens goed om je hoofd te stoten en in te zien dat iets op een andere manier moet. Maar als je die fouten op hoog niveau maakt, valt iedereen meteen over je heen.'

Wim Rijsbergen luistert naar het Wilhelmus tijdens het wk van 1974

ARCHEOLOOG
Achteraf had Rijsbergen ook wel archeoloog willen worden. Vooral Egypte heeft en had zijn interesse, maar door zijn leven als profvoetballer heeft hij toch een beetje het leven van een archeoloog kunnen leiden. Hij heeft door zijn werk in Amerika, Frankrijk en Chili veel van de wereld kunnen zien. Hij heeft verschillende talen, culturen en mensen leren kennen. Zijn meeste echte vrienden heeft Rijsbergen buiten het voetbal om ontmoet. Over Chili vertelde hij dat het niet zo arm is als wij allemaal denken. 'Santiago is Westers georiënteerd en de campo, het platteland is wel arm, maar men leeft er niet in hutjes.'
   'Op dit moment is mijn ideaal dat mijn enkel weer beter wordt. Daarna kan ik weer op het veld staan als trainer. Verder hoop ik natuurlijk dat het met mijn kinderen allemaal goed gaat en dat ik nog een tijdje met mijn vrouw kan leven. Nu ik aan het revalideren ben van mijn enkeloperaties heb ik eindelijk tijd om een beetje te genieten van van alles, maar…' Hij neemt de telefoon op. 'RIJSBERGEN!' Hij voert een Engels gesprek met een spelersmakelaar.
   'You received a blank fax?'
   Uit de volle pagina's in zijn agenda, blijkt dat hij het wel druk heeft voor een trainer in ruste. Momenteel werkt hij als analyticus voor Studio Sport. Op een competitiezondag zitten ze dan in Hilversum op allemaal monitoren live naar alle wedstrijden te kijken. De regie maakt er samenvattingen van en Rijsbergen pikt er een aantal momenten uit die illustratief zijn voor de wedstrijd. 'Ik was de omgang met de media natuurlijk al gewend, maar nu zit je aan de andere kant van de camera. Je moet gewoon zo vrijuit mogelijk proberen te praten. Zoals we nu zitten te praten aan de keukentafel gaat alles leuk en aardig, maar je moet niet teveel erbij stilstaan dat er anderhalf miljoen mensen kijken. Verder is het belangrijk dat je je lekker voelt. Als je altijd toneelspeelt is dat niet goed, of je moet toneelspeler worden. Ik kan wel tegen jou dit verhaal vertellen en tegen jou dat, maar op een gegeven moment loopt dat scheef. Je moet vooral jezelf blijven.'

'KOEMAN IS EEN LUL'
'Als trainer moet je de impact van je woorden niet onderschatten. In Chili was ik een keer verkeerd geciteerd door een journalist. Ik zei tegen hem: "Je lijkt wel een buitre", een aasgier. De volgende dag stond er gigantisch groot als kop in de krant, dat ik had gezegd dat alle journalisten in Chili aasgieren waren. Je moet de hele tijd genuanceerd je mening geven, omdat ze anders bepaalde zinsnedes uit het hele verhaal lichten die de lading niet dekken, dus je moet nooit dingen zeggen zoals: "Koeman is een lul". Daarom wil ik altijd eerst het stuk lezen voor publicatie om te zien of er niets verdraaid is.'
   Nadat Frank nog zijn lege colaglas omkieperde vertrokken we vrolijk weer naar Leiden.

Frank en Erik